mennonietenparaguayArthur van Amerongen las op de bieb in Asuncion de Telegraaf en schrok best. Grote verkrachtingszaak onder mennonieten. Daar weet hij best veel van. In zijn binnenkort te verschijnen roman Paranoia Paraguay staat een hele passage over de mennonieten. Hier volgt die, met een scary picture van deze lui.

Vandaag in de Telegraaf:

Grote verkrachtingszaak in Bolivia

LA PAZ – Zeven leden van de geloofsgemeenschap van mennonieten zijn woensdag in Bolivia opgepakt op verdenking van het verkrachten van ongeveer honderd vrouwen en meisjes. Een achtste mennoniet is aangehouden, omdat hij de zeven mannen zou hebben geholpen.
De medeplichtige zou de verdachten onder meer tegen betaling van viagra hebben voorzien. Ook zou hij de slachtoffers van de verkrachtingen slaapmiddelen hebben toegediend en voor voorbehoedsmiddelen hebben gezorgd.
De Boliviaanse aanklager Freddy Pérez zei dat de verdachten behoren tot de mennonitische gemeenschap Manitoba in de regio Santa Cruz in het oosten van het Zuid-Amerikaanse land. De verdachten zijn tussen de 18 en 41 jaar oud. Onder de mogelijke slachtoffers zijn meisjes in de leeftijd van 10 tot 18.
De zaak kwam aan het licht, nadat een andere mennoniet alarm had geslagen over het vreemde gedrag van één van de verdachten. Alle verdachten ontkennen dat ze zich aan verkrachtingen hebben schuldig gemaakt.
De mennonieten danken hun naam aan de Nederlander Menno Simons. Die stapte in 1536 uit de Rooms-Katholieke Kerk en werd een van de leiders van de tweede generatie wederdopers of anabaptisten, die zich later mennonieten of (in Nederland) doopsgezinden gingen noemen. Hij predikte de volwassen doop en een sobere, geweldloze levenswijze.
Op boerderijen in Bolivia en Paraguay wonen in totaal tussen de 30.000 en 40.000 mennonieten.

mennonietenparaguay1

-door Arthur van Amerongen-

Goed, mijn alter ego Job Coen is in de bajes van Asuncion beland – zo is er altijd wel wat – samen met de mennoniet Larry. Het gelegenheidsduo werd gearresteerd in hotel Rosa aan de Avenida Colon, met crack en minderjarige prostituees. Enfin, het wijst zich vanzelf.

Larry slikt: ” Mijn vader, mijn vader, altijd die ouwe klootzak weer. Eigenlijk heet ik Ezechiel, dat vond mijn vader wel een fijne naam. Godverdomme, voor hetzelfde geld had hij mij Jeremia genoemd, of Jesaja, dan ben je echt voor het leven getekend. Jij boft trouwens ook met jouw naam zeg, Job, de grootste sukkel uit de bijbel. Mijn vader dreigde me te onterven als ik niet voor onderwijzer ging studeren. De ouwe heeft een boel plata, hij verdiende bakken met geld met zijn landingsbaan, waar de hele dag privé-vliegtuigjes landden, vooral uit Bolivia. De man deed alles wat God verbood maar ik moest godverdomme godsdienstleraar worden. Fuck Menno, fuck Jezus, fuck God, fuck Boeddha, fuck mighty Jahwe en fuck die lousy god van de Mohammedanen. Ik heb nog een paar maanden les gegeven op een Menno-school in Filadelfia maar ik werd daar helemaal gek. Geef mij maar de jacht. Ik mocht de kinderen wel slaan, weliswaar corrigerend met een liniaal op de handen maar ook daar moet je in Amerika niet mee aankomen, krijg je meteen een proces aan je broek. Ons onderwijs deugt, wij gebruiken geen computers, alles moet uit het hoofd, kom daar maar eens aan bij die mongolen in Paraguay, die hebben het wiel niet uitgevonden, en het buskruit ook niet. Mennonietenland heeft niets met Paraguay te maken, het is georganiseerd en gedisciplineerd. I tell you man, we are Gods chosen people.”
Larry staat op en begint een lofrede af te steken over zijn sekte die de woestijn deed bloeien als een roos. Op ossenwagens kwamen Larry´s voorvaderen van Asunción naar de Chaco waar ze vrij waren van diensplicht en recht hadden op eigen scholen en onderwijs in eigen taal, ze schiepen hun eigen paradijs in de Groene Hel. “Het geheim is hard werken, mein Alte, tot je er bij neer valt. In het zweet des aanschijns zul je je brood verdienen. Het leven in Paraguay was in die tijd fucked up man, er was niets maar dan ook niets, waarom denk je dat ze het de Inferno Verde noemen. Ze crepeerden van de honger, uitdroging, malaria, knokkelkoorts, gele koorts, dysenterie, tyfus, tbc, polio, uitdroging, zandvliegen en de slangen, you name, Brüderchen. En als je dat had overleefd, vraten de jaguars je koeien op en werd je gebeten door de motherfucking Jarara-slang en ging je binnen vijf minuten hartstikke kapot. But we did it, man, wir haben es geschafft. In ons Affenland hebben we moderne bejaardentehuizen, ziekenhuizen. We hebben eigen supermarkten waar godverdomme geen drank en sigaretten mogen worden verkocht maar het zijn wel onze supermarkten, ja? Onze coöperatie heeft 20 miljoen dollar in de kas. Stakingen en werkloosheid? Dat bestaat niet bij ons, I am telling you. No fucking unions upthere, dude. ”

amerongen-paranoya-paraguayDe jonge moordenaar is wakker geworden van Larry´s gebulder. Todo tranquillo, todo tranquillo, zegt Larry, slaap gewoon lekker door, churro. De Mennoniet ratelt door als een bijbelverkoper op amfetamines: “Mijn familie vluchtte in de jaren dertig van de Sovjet Unie naar Paraguay. Hitler was populair bij de vluchtelingen, die dude vrat de communisten bij zijn ontbijt. De regering in Paraguay zag Hitler ook wel zitten. Er waren flink wat Mennonieten die de Nazi-filosofie begonnen uit te dragen. Mijn vader dus ook. Die dacht echt dat Onkel Adolf Rusland zou bevrijden van de commies en dat ze weer terug konden gaan. Uiteindelijk wilden de meesten Mennonieten terug naar Duitsland en Hitler zou de weg voor hun vrijmaken. In sommige kerken in onze kolonies werd Hitler openlijk geprezen in het gebed van de voorganger. Ik geloof dat ze zelfs nog in 1944 van de preekstoel riepen dat we ons met Onkel Adolf geen zorgen hoefden te maken over de toekomst. Not.

Mijnvader riep dat Deutschtum belangrijker was dan christendom. Maar de echte Duitsers hier zagen ons niet zitten, dude, wij woonden in Affenland. Ik zeg het je, die man is gek. Hij zorgde voor spanningen in de gemeente, overal waar hij kwam braken vechtpartijen uit. Het is een gewelddadige man, hij kon nooit met zijn klauwen van mij af blijven. En..”

Zijn adem stokt nu in de keel, zijn stem hapert. De reus ziet er plotseling breekbaar uit.
“En wat”, vraag ik dringend maar vriendelijk.
“´s Avond kwam hij naar mijn slaapkamer, nadat hij mij kort daarvoor bont en blauw had geslagen. Dan moesten we samen bidden, op onze knieën voor het bed, en god om vergiffenis vragen. En dan sloeg die ouwe een hand om mij heen, die motherfucker had vuisten als mokers, en dan begon het gelazer. Godverdomme, godverdomme, die vuile kankerlijer.”

Larry bonkt nu met zijn hoofd tegen de muur, het lijkt of hij jankt.

Ik voel me ongemakkelijk.


19 reacties op “Scary shit uit Paraguay en Bolivia”

  1. toetssteen zegt:

    Hoe godvergeten ellendig dit ook is, en dat is het; heb zeker een kwartier stom zitten staren, vloeken zou een optie zijn, maar het is hier zo hemels stil….., maar toch komt dit christelijke pus uit de wond. In al zijn wanstaltigheid wordt dit onherroepelijk weer misbruikt. Voorpaginanieuws terwijl elders in de wereld het maar doorettert.

  2. Napoleon zegt:

    Kindermisbruik, de gootste (verborgen) misstand op aarde.

  3. Napoleon zegt:

    Every perpetrator was once a victim.

  4. kapotte rits zegt:

    Weet dan niemand dat kranten een voorpagina hebben omdat er altijd wel nieuws is?
    Er zijn maar twee momenten in het leven die belangrijk zijn: geboren worden, en sterven! Dat is dan meteen het mooiste, ‘er zit een einde aan’.

    Zouden dan alle pogingen om mensen te willen verbeteren gedoemd zijn tot succes?

  5. Frank zegt:

    In Belize, het voormalig Britsch Honduras, zit ook een betrekkelijk grote kolonie Mennonieten, die nagenoeg geheel autarkisch zijn. Als dit soort misbruik in Paraguay en Bolivia voorkomt, waarom zou dat elders anders zijn?

  6. Arthur van Amerongen zegt:

    Ha Frank, die Mennonieten zijn fascinerend, zeker omdat ze in Paraguay in een van de meest barre gebieden wonen. De meesten komen uit Siberie of daaromtrent, ken je nagaan. Het zijn geen vrolijke Fransen, maar je kan een goeie boom met ze opzetten, en ze spreken prachtig Duits. En ja, die incest, dat komt door Eva he, daar is al het gedonder mee begonnen, en die moet nog steeds gestraft worden, ook al is het je dochter van 7. Een liefhebbend vader spaart de roede niet.

  7. Prof. Drs. G.B.J. VanFrikschoten zegt:

    Ik bouwde vroeger tempels van luciferstokjes en offerde daar levende spinnen in op. De spin ging in het lege doosje de tempel in en dan de hens er in. “Jij was vroeger ook geen beste!”, zegt mijn vader nog steeds… Hij had gelijk, die ouwe…

  8. Prof. Drs. G.B.J. VanFrikschoten zegt:

    Iedere nacht word ik nog badend in het zweet wakker van de manshoge spinverschijningen die wraak komen nemen…

  9. Joost zegt:

    Van Frik,
    En dan zeggen ze dat Wacko een slecht mens was…

  10. Prof. Drs. G.B.J. VanFrikschoten zegt:

    @Joost
    Ik zou ‘m nog een ruw houten staak door het verdorven hart jagen voor de zekerheid…

  11. Joost zegt:

    Ja Frik, dat bedoel ik nou.
    Of was je bang dat hij anders te lang zou lijden?

  12. Prof. Drs. G.B.J. VanFrikschoten zegt:

    @Joost
    Ik ben vervreemd geraakt van angst. Dat is wat leed te weeg bracht. Ieder gaat zijns weegs. De één gaat op zijn vlucht er van zingen en dansen, de ander zoekt een God om hem eeuwig te troosten. Uiteindelijk zijn het allemaal idioten die de realiteit niet onder ogen durven te zien. Blinde lafaards zijn het.

  13. Prof. Drs. G.B.J. VanFrikschoten zegt:

    Maar de nacht blijft spoken. Eens zal ik de nacht verslaan met een ruw houten staak door het hart. Dan heb ik gewonnen en gelijk en is het net te laat. Dat zal je dan ook net weer zien…

  14. Prof. Drs. G.B.J. VanFrikschoten zegt:

    Na afloop was het zaak om de restanten van de spin terug te vinden. Een bolletje verkoolde teer was er van over. Je kon ‘m zo met je nagel tot poeder verpulveren. Dat deed ik dan maar want tot as zult Gij weder keren. Dat zou vast ook wel voor spinnen gelden leek mij…

  15. Prof. Drs. G.B.J. VanFrikschoten zegt:

    Vader had zijn hersens al in zijn jeugd overboord gekieperd toen hij op de Rijnvaart zat als snotneus van 16. Maar wel de hele schoolbibliotheek uitgelezen. De werkelijkheid van het leven deed alles vergeten. Je hebt niets aan die boeken vol wijsheden. Het laatste boek wat hij las was “De duivels van Loudun” door ene Aldous Huxley. Dat waren ook geen besten zei hij.

  16. Prof. Drs. G.B.J. VanFrikschoten zegt:

    Menigmaal schudde hij zijn hoofd wanneer er mensen aan het woord waren die als een kasplant het oerwoud stonden te verklaren. Maar hij zei dan niets. Ik begreep hem op mijn gevoel. Ik begrijp nu ook zijn enge wereld toen ik die ene keer met hem onder de douche stond en het schuim van de shampoo langs zijn buik samenstroomde naar die dikke tuit tussen zijn benen. Ik kende mijn vaders armen, benen, neus, ogen en oren maar dit was nieuw. Er waren dingen die je eigenlijk niet mocht zien en nooit zag maar die er wel waren. Ik heb een bloedhekel aan kinderen. Dat heb ik van mijn vader.

  17. toetssteen zegt:

    @Van Frikschoten
    Uw woorden maakten dat persoonlijke bellen gingen luiden en de alarmen afgingen. Als u citeert, eh bien, dat kan, maar als het naar eigen leven is…

  18. arthur van amerongen zegt:

    Frik, je bent geweldig, kom nou gewoon langs, gratis, de canja staat koud!

  19. toetssteen zegt:

    Misschien….. God, ik zou nu eindeloze nonsens zinnen kunnen schrijven. We lokken het vogeltje met wat krummeltjes….

Boeken

Koop mijn boeken bij Bol.com Koop mijn boeken bij Bol.com
Klik hier voor een overzicht van mijn boeken